Slapeloosheid is aanhoudende moeite met in slaap vallen, doorslapen of het verkrijgen van een herstellende slaap, ondanks voldoende mogelijkheden. Het gevolg is vermoeidheid overdag, verminderde concentratie en een lagere levenskwaliteit.
Acute slapeloosheid treedt vaak op na stress of een verstoord dagritme en verdwijnt zodra de oorzaak wegvalt. Chronische slapeloosheid duurt maanden of langer en kan gepaard gaan met geconditioneerde opwinding – het bed zelf wordt geassocieerd met wakker zijn en piekeren. Bijdragende factoren zijn onder andere angst, depressie, een onregelmatig dagritme, cafeïne- of alcoholgebruik, medische aandoeningen en een slechte slaaphygiëne. Paradoxaal genoeg houdt de poging om in slaap te vallen het probleem vaak juist in stand.
Cognitieve gedragstherapie is de eerstelijnsbehandeling voor slapeloosheid. Deze therapie omvat stimuluscontrole (het bed alleen gebruiken om te slapen), slaaprestrictie, cognitieve herstructurering van slaapgerelateerde zorgen en ontspanningsoefeningen. Medicatie kan kortdurende verlichting bieden, maar brengt risico's met zich mee zoals tolerantie en afhankelijkheid. Het is essentieel om onderliggende medische of psychiatrische aandoeningen aan te pakken wanneer deze aanwezig zijn.
Slapeloosheid is meer dan een incidentele slechte nacht. Het is een zichzelf in stand houdend patroon dat het beste reageert op systematische veranderingen in gedrag en denkwijze over slaap.
Comments
No comments yet. Be the first to share a thought.
Leave a comment