Paleoantropologie is de studie van oude menselijke voorouders aan de hand van fossielen en artefacten. Het combineert methoden uit de fysische antropologie, archeologie, geologie en genetica. Onderzoekers zoeken naar fossielhoudende sedimenten op plaatsen zoals de Oost-Afrikaanse Riftvallei, de grotten van Zuid-Afrika en de Atapuerca-heuvels in Spanje. Het kan jaren duren om een enkele tand of een fragment van een kaak in de juiste context te plaatsen. Datering is vaak net zo moeilijk als het vinden van het fossiel zelf.
Het vakgebied is getransformeerd door de genetica. Oud DNA, gewonnen uit botten en tanden, stelt onderzoekers nu in staat migraties, kruisingen en populatiesplitsingen te traceren. In 2010 werd het genoom van de Neanderthaler in kaart gebracht, wat kruisingen met de moderne mens aan het licht bracht. Sindsdien heeft DNA van Denisovanen en andere archaïsche groepen de stamboom herschreven. Ontdekkingen beslechten zelden discussies. Meestal leiden ze tot nieuwe.
Kernmethoden
- Onderzoek en opgraving van fossielenlocaties.
- Radiometrische datering van vulkanische lagen en sedimenten.
- Vergelijkende anatomie van botten en tanden.
- Analyse van oud DNA en isotopen.
Paleoantropologie is een trage wetenschap. Een carrière kan afhangen van één gelukkige vondst, en het kan decennia duren om die vondst te interpreteren.
Comments
No comments yet. Be the first to share a thought.
Leave a comment