Agribusiness verwijst naar de gehele commerciële sector die de landbouw omvat, evenals de industrieën die landbouwproducten ondersteunen, leveren, verwerken en distribueren. De term werd in 1957 bedacht door de Harvard-economen John H. Davis en Ray A. Goldberg in hun boek 'A Concept of Agribusiness', waarin het werd gedefinieerd als de som van alle activiteiten die betrokken zijn bij de productie en distributie van landbouwbenodigdheden, de productie op de boerderij en de opslag, verwerking en distributie van landbouwproducten en hun bijproducten. Het concept erkent dat moderne voedselproductie niet beperkt is tot boerderijen, maar ook zaad- en chemiebedrijven, machinefabrikanten, financiers, transporteurs, verwerkers, groothandelaars, detailhandelaren en marketeers omvat. In ontwikkelde economieën opereren agribusinessreuzen zoals Cargill, Archer-Daniels-Midland, Bayer en John Deere in meerdere stadia van de waardeketen. Critici stellen dat consolidatie in de agribusiness de onderhandelingspositie van boeren heeft verzwakt, de diversiteit aan zaden heeft beperkt en heeft bijgedragen aan negatieve milieueffecten, terwijl voorstanders de nadruk leggen op efficiëntiewinsten, voedselzekerheid en technologische innovatie. Het vakgebied wordt bestudeerd vanuit de agrarische economie en wordt in toenemende mate beïnvloed door mondiale handelsakkoorden, duurzaamheidsnormen en de digitalisering van de toeleveringsketen.
💼 Agribusiness
Bedrijfstak van landbouw en de bijbehorende handel.
Comments
No comments yet. Be the first to share a thought.
Leave a comment