Een rol is het gedrag dat van een persoon in een bepaalde status wordt verwacht. Een status is een positie. Een rol is wat je in die positie doet. Een leraar heeft de status van leraar. De rol omvat het voorbereiden van lessen, het nakijken van werkstukken, het beheren van een klaslokaal en het begeleiden van leerlingen.
Rollen worden aangeleerd door socialisatie. Ze komen met scripts, rekwisieten en publiek. Erving Goffman gebruikte het theater als metafoor: het sociale leven is een voorstelling. We spelen rollen op een podium, waar we onze indrukken proberen te beheersen, en ontspannen op een achterpodium, waar we onszelf kunnen zijn.
Soorten rollen
- Toegewezen rollen: rollen die bij de geboorte worden toegewezen, zoals zoon of dochter.
- Verworven rollen: verdiende rollen, zoals arts of echtgenoot/echtgenote.
- Formele rollen: duidelijk omschreven, zoals rechter of soldaat.
- Informele rollen: losjes gedefinieerd, zoals klassenclown of vredestichter.
Rollen kunnen botsen. Een vrouw die zowel moeder als chirurg is, kan moeite hebben om aan de eisen van beide te voldoen. Rollen kunnen ook onder druk komen te staan. Een enkele rol, zoals mantelzorger, kan te veel eisen stellen voor één persoon. Deze spanningen zijn normaal en geen teken van persoonlijk falen.
Comments
No comments yet. Be the first to share a thought.
Leave a comment