Sofisme is een slimme maar misleidende redenering die gebruikt wordt om te bedriegen. Het woord is afgeleid van de sofisten, een groep rondreizende leraren in het oude Griekenland die tegen betaling retorica en argumentatie onderwezen. Ze waren niet per se oneerlijk. Ze onderwezen vaardigheden die nuttig waren aan het hof en in volksvergaderingen. Maar Plato portretteerde hen als manipulators die meer waarde hechtten aan het winnen van discussies dan aan de waarheid. De bekendste sofist in Plato's dialogen is Protagoras, die stelde dat de mens de maat van alle dingen is. Die bewering kan worden gelezen als een vorm van relativisme. Het kan ook worden gelezen als een bewering over perceptie.
Sofisme is niet alleen een fenomeen uit de oudheid. Het komt voor wanneer iemand taal gebruikt om te manipuleren in plaats van te informeren. Adverteerders, politici en advocaten kunnen allemaal van sofisme worden beschuldigd. De grens tussen retoriek en sofisme is niet altijd even duidelijk. Retoriek is erop gericht te overtuigen. Sofisme is erop gericht te misleiden. Het verschil zit hem in de intentie en de waarheid van de beweringen. Kritisch denken is het tegengif voor sofisme. Het houdt in dat men bewijs zoekt, drogredenen opspoort en alert is op emotionele manipulatie. Plato's dialogen worden nog steeds gelezen omdat ze het verschil tussen oprecht onderzoek en slimme manipulatie dramatiseren.
Tekenen van drogredenen
- Emotionele oproepen. Inspelen op angst, woede of verlangen.
- Onjuiste uitgangspunten. Uitgaande van beweringen die niet waar zijn.
- Dubbelzinnigheid. Het gebruik van woorden in verschillende betekenissen.
- Afleidingsmanoeuvres. Het introduceren van irrelevante punten.
Sofisme is niet hetzelfde als scepticisme. Scepticisme twijfelt aan beweringen. Sofisme maakt gebruik van twijfel voor overtuigende doeleinden.
Comments
No comments yet. Be the first to share a thought.
Leave a comment