Een zee is een grote hoeveelheid zout water die geheel of gedeeltelijk door land wordt omsloten, of die een afzonderlijk gebied vormt binnen de wereldzeeën. Voorbeelden zijn de Middellandse Zee, de Zuid-Chinese Zee en de Caribische Zee. Het onderscheid tussen 'zee' en 'oceaan' is grotendeels gebaseerd op conventies en niet op strikt wetenschappelijke principes.
Zeeën hebben vaak unieke circulatiepatronen, chemische samenstelling en ecosystemen, gevormd door hun beperkte uitwisseling met de open oceaan en door sterke invloeden van het land. Halfgesloten zeeën kunnen door hun beperkte doorstroming sterker reageren op klimaatverandering, nutriëntenbelasting en visserij. Sommige zeeën, zoals de Kaspische Zee, zijn volledig door land omgeven, maar toch zout.
Van oudsher stonden zeeën centraal in de scheepvaart, handel en zeemacht. Ook nu nog zijn ze belangrijk voor de visserij, de winning van koolwaterstoffen en het regionale klimaat. Wetenschappelijk onderzoek naar individuele zeeën combineert oceanografie met kustgeologie en meteorologie om hun specifieke dynamiek te begrijpen.
De Middellandse Zee heeft bijvoorbeeld een verblijftijd van ongeveer een eeuw en een kenmerkende temperatuur- en zoutgehalte-signatuur.
Comments
No comments yet. Be the first to share a thought.
Leave a comment