Emigratie is de beweging van individuen uit een bevolkingsgroep of gebied. Het is het spiegelbeeld van immigratie. Wanneer mensen een land verlaten, zijn ze emigranten vanuit de plaats die ze verlaten en immigranten in de plaats waar ze aankomen. Dezelfde persoon kan beide zijn, afhankelijk van aan welk uiteinde van de reis je kijkt. Demografen volgen emigratie omdat het de bevolkingsomvang, het arbeidsaanbod en de leeftijdsstructuur van een land beïnvloedt.
Mensen emigreren om uiteenlopende redenen. Factoren die hen wegduwen zijn onder andere oorlog, vervolging, armoede, werkloosheid, droogte of een gebrek aan kansen. Factoren die hen naar elders trekken zijn onder andere banen, veiligheid, familiebanden, betere scholen of hogere lonen. De meeste migratie vindt plaats tussen buurlanden, niet over oceanen. In 2020 schatte de Verenigde Naties dat ongeveer 281 miljoen mensen buiten hun geboorteland woonden, oftewel zo'n 3,6 procent van de wereldbevolking. Geldovermakingen, het geld dat emigranten naar huis sturen, overtreffen in veel landen de buitenlandse hulp.
Gemeenschappelijke push- en pullfactoren
- Economisch: banen, lonen, kosten van levensonderhoud.
- Politiek: conflict, vervolging, instabiliteit.
- Milieuproblemen: droogte, overstromingen, stijging van de zeespiegel.
- Sociaal: gezinshereniging, onderwijs.
Emigratie kan de druk op de lokale arbeidsmarkt verlichten, maar kan een land ook leegzuigen van geschoolde arbeidskrachten. Het effect hangt af van wie vertrekt en of ze terugkeren.
Comments (2)
Leave a comment