De longen hebben een enorm oppervlak en een dunne barrière tussen lucht en bloed. Daardoor zijn ze een efficiënte route voor medicijntoeding, met name bij astma en COPD. Een inhalator is een apparaat dat een vloeistof of poeder omzet in een aerosol die de patiënt inademt. Het medicijn werkt rechtstreeks in op de luchtwegen, waardoor een lagere dosis sneller kan werken en minder systemische bijwerkingen kan veroorzaken dan een orale pil.
Er zijn drie hoofdtypen. Dosisaerosolen gebruiken een drukvat om een afgemeten dosis medicatie af te geven. Ze vereisen coördinatie: tegelijkertijd op het drukvat drukken en inademen. Een spacer kan dit vergemakkelijken door de aerosolwolk vast te houden terwijl de patiënt inademt. Droogpoederinhalatoren werken door de ademhaling, wat betekent dat de inademing van de patiënt het poeder in de longen trekt. Vernevelaars zijn apparaten die vloeibare medicatie omzetten in een fijne nevel. Deze worden gebruikt bij patiënten die de andere apparaten niet kunnen gebruiken of tijdens ernstige aanvallen.
Wat patiënten moeten weten:
- Techniek is belangrijk. Slechte techniek is een veelvoorkomende oorzaak van mislukte behandelingen.
- Spoel na gebruik van steroïde-inhalatoren. Dit voorkomt spruw in de mond.
- Spacers helpen. Ze verbeteren de levering en verminderen coördinatieproblemen.
- Reddingsinhalator versus controller. Weet welke inhalator welke is en wanneer je hem moet gebruiken.
Apothekers en ademtherapeuten kunnen de inhalatietechniek controleren. Een korte demonstratie aan de balie kan veel fouten aan het licht brengen.
Comments
No comments yet. Be the first to share a thought.
Leave a comment