Tussen de dunne aardkorst en de metalen kern bevindt zich de dikke, rotsachtige mantel. Deze strekt zich uit van de basis van de aardkorst tot een diepte van ongeveer 2900 km en vormt ruwweg twee derde van de massa van de aarde. Hoewel de mantel vast is, ondergaat hij in de loop van geologische tijdperken een langzame convectie.
De samenstelling wordt gedomineerd door silicaatmineralen die rijk zijn aan magnesium en ijzer. De druk en temperatuur nemen toe met de diepte, waardoor faseovergangen ontstaan die zich manifesteren als seismische discontinuïteiten. De bovenmantel omvat de rigide lithosferische mantel en de ductiele asthenosfeer; de ondermantel is dichter en stroomt trager.
Mantelconvectie drijft de platentektoniek aan en transporteert warmte vanuit het diepe binnenste naar het aardoppervlak. Men vermoedt dat opstijgende pluimen uit de diepe mantel hotspotvulkanen voeden. Vrijwel de gehele mantel is ontoegankelijk voor directe bemonstering, behalve via zeldzame xenolieten en de interpretatie van seismische golven.
- Dikke rotslaag tussen de aardkorst en de kern
- Vast maar convectief over lange tijdschalen
- Bron van basaltische magma's
- Drijft de tektonische beweging van platen aan.
Comments
No comments yet. Be the first to share a thought.
Leave a comment