Een driehoek heeft drie zijden, drie hoeken en drie hoekpunten. De som van de hoeken is 180 graden in de Euclidische meetkunde. Driehoeken worden geclassificeerd op basis van het aantal zijden (gelijkzijdig, gelijkbenig, ongelijkzijdig) en op basis van de hoeken (scherp, recht, stomp).
De oppervlakte is ½ × basis × hoogte. De stelling van Pythagoras geldt voor rechthoekige driehoeken. De sinusregel en de cosinusregel relateren zijden en hoeken in elke driehoek. De driehoek is de eenvoudigste veelhoek en de meest bestudeerde.
Driehoeken zijn star: hun vorm kan niet veranderen zonder de lengte van de zijden te veranderen. Dat maakt ze essentieel in de bouw, van bruggen tot fietsframes. Ze komen voor in kunst, design en navigatie. De driehoek is een fundamentele bouwsteen van de meetkunde.
- Drie zijden, drie hoeken, drie hoekpunten
- De som van de hoeken is 180 graden.
- Ingedeeld op basis van zijden en hoeken
- Stijve vorm die in de bouw wordt gebruikt
Comments (3)
Leave a comment