Een cijfer is een beoordeling die aangeeft hoe goed een leerling het heeft gedaan. Het kan een letter, een getal of een label zijn zoals 'geslaagd' of 'niet geslaagd'. Cijfers vatten de prestaties samen op toetsen, werkstukken, projecten en participatie. Ze zijn een verkorte weergave en, zoals alle verkorte weergaven, gaan er details verloren.
Beoordelingssystemen variëren. In de VS is een schaal van A tot en met F gebruikelijk. In het VK worden graden aangegeven met een eerste, een hogere tweede en een lagere tweede. Veel landen gebruiken een schaal van 1 tot 10 of 1 tot 100. Sommige scholen gebruiken een op standaarden gebaseerd beoordelingssysteem, waarbij het cijfer de beheersing van specifieke vaardigheden weerspiegelt in plaats van een gemiddelde van punten.
Cijfers zijn belangrijk voor doorstroming, toelating en beurzen. Ze kunnen ook motiveren of ontmoedigen. Een leerling die een C haalt, kan harder werken. Of hij of zij kan besluiten dat hij of zij slecht is in het vak en opgeven. Docenten weten dit. De manier waarop ze cijfers geven en uitleggen, beïnvloedt hoe leerlingen over zichzelf denken.
Gangbare beoordelingsschalen
- Cijferbeoordeling: A, B, C, D, F
- Percentagecijfers: 0 tot 100
- GPA: gemiddeld cijfer
- Geslaagd/niet geslaagd
- Op standaarden of op beheersing gebaseerde beoordeling
Comments
No comments yet. Be the first to share a thought.
Leave a comment