Als je inzoomt op een vectorafbeelding, blijft deze scherp. Als je inzoomt op een foto, zie je uiteindelijk pixels. Vectorafbeeldingen worden gedefinieerd door wiskundige paden, niet door een raster van gekleurde vierkantjes. Dat verschil betekent dat ze naar elk formaat kunnen worden geschaald zonder kwaliteitsverlies.
SVG, AI en EPS zijn veelgebruikte vectorformaten. Logo's, iconen en illustraties worden meestal als vectoren gemaakt, omdat ze zowel op kleine formaten op een telefoonscherm als op enorme formaten op een reclamebord goed moeten werken. Een rasterafbeelding die er goed uitziet bij 100 pixels breed, zal er wazig uitzien bij 1000 pixels. Een vectorafbeelding tekent zichzelf automatisch opnieuw in elke gewenste afmeting.
Vector versus raster
- Vector: paden gedefinieerd door wiskunde, oneindig schaalbaar.
- Raster: raster van pixels, vaste resolutie
- Vector: kleinere bestandsgroottes voor eenvoudige vormen
- Raster: beter geschikt voor foto's en complexe texturen.
Vectorafbeeldingen zijn niet altijd de juiste keuze. Een foto bevat miljoenen subtiele kleurovergangen die onpraktisch zijn om als paden weer te geven. Maar voor alles met strakke randen en egale of verlopende kleuren zijn vectoren de beste optie. Ze zijn bewerkbaar, licht van gewicht en resolutie-onafhankelijk. Het nadeel is de leercurve. Vectorbewerkingsprogramma's vereisen dat je in vormen en curven denkt, niet in penseelstreken.
Comments
No comments yet. Be the first to share a thought.
Leave a comment