De diameter is de langste rechte lijn die je door een cirkel kunt trekken. Deze lijn loopt door het middelpunt en verbindt twee punten op de rand. De lengte ervan is tweemaal de straal.
De verhouding tussen omtrek en diameter is pi, een constante die overal in de wiskunde voorkomt. Dankzij deze relatie kun je elk van de drie grootheden – omtrek, diameter of straal – berekenen als je één van de andere twee weet. De diameter bepaalt ook de grootte van de cirkel en wordt gebruikt in formules voor oppervlakte en volume.
In de techniek zijn diameterspecificaties belangrijk voor leidingen, bouten, tandwielen en assen. De diameter van een leiding bepaalt de doorstroomsnelheid; de diameter van een bout bepaalt de sterkte. In de astronomie bepaalt de diameter van de spiegel of lens van een telescoop het lichtverzamelend vermogen. Het concept is eenvoudig, maar de toepassingen ervan zijn overal te vinden.
- Afstand over een cirkel door het middelpunt
- Tweemaal de straal
- Omtrek = π × diameter
- Cruciaal in de techniek en optica.
Comments
No comments yet. Be the first to share a thought.
Leave a comment