Een gebod is een goddelijke regel, gegeven door God. De bekendste zijn de Tien Geboden. Deze werden aan Mozes gegeven op de berg Sinaï. Ze zijn te vinden in Exodus 20 en Deuteronomium 5. Ze vormen de basis van de morele wet. Ze zijn geschreven op twee stenen tafelen. Ze vormen het verbond tussen God en Israël. Ze zijn de regels voor het leven.
De Tien Geboden zijn verdeeld in twee delen. De eerste vier gaan over onze relatie met God. Geen andere goden. Geen afgoden. Misbruik Gods naam niet. Houd de sabbat in ere. De volgende zes gaan over onze relatie met anderen. Eer je vader en moeder. Pleeg geen moord. Pleeg geen overspel. Steel niet. Leg geen valse getuigenis af. Begeer niet. Jezus vatte ze samen: Heb God lief. Heb je naaste lief. Dat is de wet.
De Tien Geboden
- Gij zult geen andere goden voor mij hebben.
- Je mag geen gesneden beeld maken.
- Je zult de naam van de Heer niet ijdel gebruiken.
- Gedenk de sabbatdag en houd die heilig.
- Eer je vader en moeder.
- Gij zult niet moorden.
- Gij zult geen overspel plegen.
- Je zult niet stelen.
- Je mag geen valse getuigenis afleggen.
- Gij zult niet begeren.
De geboden zijn geen last. Het zijn geschenken. Ze laten ons zien hoe we moeten leven. Ze laten ons zien hoe we moeten liefhebben. Ze laten ons zien hoe we vrij kunnen zijn. Ze zijn het pad van het leven. Ze zijn de weg naar vrede. Ze zijn de wet van de vrijheid. De psalmist zei: Ik heb uw geboden lief. Ze zijn mijn vreugde. Ze zijn mijn meditatie. Ze zijn mijn lied. De geboden zijn het woord van God. Ze zijn de wil van God. Ze zijn het hart van God. Ze zijn de geboden. En ze zijn voor ons welzijn.
Comments
No comments yet. Be the first to share a thought.
Leave a comment